De moderne voetbaltrainer is een eindbaas die zijn ego opzij schuift

René Weiler is geen hoofdcoach meer bij Anderlecht. Ontzettend jammer! Gelukkig heeft hij de eer aan zichzelf gehouden. Onder vuur vanaf dag één, en ook recent persoonlijk door een aantal supporters belaagd. Zijn realistische kijk op big business voetbal bleek uiteindelijk niet compatibel met een geromantiseerde voetbalfilosofie en onrealistische kijk op ‘ploeg progressie’ bij heel wat analisten, media en supporters.

Typerend is dat Filip Joos op Extra Time of “Chef Voetbal” van hln.be deze logische uitspraak van voetbaltrainer René Weiler niet begrijpen:

Zijn laatste uitspraak, in Kortrijk, vatte René Weiler treffend samen: “Ik heb nog nooit meegemaakt dat een club aan een trainer goed voetbal vraagt.” Quoi? Dan houdt het op. Miscast.

Terwijl elk persoon met wat gezond verstand, weet dat het subjectieve ‘goed voetbal’ nooit een doelstelling op zich kan zijn voor een trainer. Want: ‘in the eye of the beholder’. Goed voetbal of champagnevoetbal is een gewenst resultaat van een hecht team dat tactisch, mentaal en fysiek goed draait, maar het is geen objectief meetbare doelstelling voor een trainer.  

De aard van het beestje is om korte termijn te denken. Ik kan me als buitenstaander vergissen, maar van wat ik kon afleiden uit interviews uit zijn tijd in Duitsland en zijn periode het voorbije jaar bij Anderlecht, deed Weiler dit niet.

Weiler was om die en andere redenen in mijn ogen het toonbeeld van een goede, moderne voetbaltrainer. Die fouten maakte, maar ook perfect wist wat zijn meerwaarde kon zijn, en waar zijn rol ophield. En wat de taak van een speler was. Een type Wilmots zou ik bijvoorbeeld niet in die categorie steken. Een schreeuwer met een sterk ontwikkeld ego en reactief ego-centrische aanpak kan geen moderne trainer zijn.

Anderlecht zoekt nu een nieuwe trainer. Geen makkelijke opgave! Hopelijk krijgt die meer tijd en krediet dan Weiler. Heel wat voetbaljournalisten en analisten leven bijwijlen nog in een geïdealiseerd verleden. Hun analyses zijn gericht op conflict en kliks. Met mooie, maar oppervlakkige oneliners. Die cultuur in voetbalberichtgeving verder omkeren is geen makkelijke opdracht.

Hieronder mijn bijdrage aan het debat door aan te geven hoe ik de kerntaken van een trainer zie. Hopelijk kan er voortaan een realistischer beeld geplakt worden op de bijdrage van de trainer in het resultaat van een team. 

Eindbaas die altijd zijn verantwoordelijkheid neemt

De taak van voetbaltrainer en zijn staff is de voorbije jaren heel wat complexer geworden. Van de tweetende speler met zijn eigen sociale media aanwezigheid, tot de analist of club-supporter: iedereen heeft een mening, en uit die zonder schroom via allerlei platformen. Uiteraard nooit onderbouwd met realistische kennis van zaken. Kan ook niet, want in tegenstelling tot de enige insider met de volledige kijk heeft de man met een mening niet eens een fractie van het hele plaatje.

Dat maakt het voor een gedreven coach niet makkelijk om een visie uit te bouwen, en die consequent te volgen. Moet je sterke benen voor hebben! Daarnaast is de lijn van makelaar tot speler, en van speler tot competitieve club door moderne communicatiemiddelen korter dan ooit. Invloed. Getouwtrek. Onrealistische verwachtingen. Alom. Zeker in de cruciale voorbereidingsperiode. Weiler vervloekte het, maar besefte tegelijkertijd dat hij dat aspect niet kon beïnvloeden.

De essentiële rol van trainer is verantwoordelijkheid nemen. Eindbaas zijn. Het team begeleiden, spelers in vertrouwen nemen en beschermen. Maar hen ook op hun plichten wijzen.

Het begint allemaal met het goed structureren van het werk, de juiste oefenstof selecteren en aangeven wat de intensiteit van de training moet zijn. Soms voor de hele groep, vaak ook individueel voor de revaliderende speler. Tot slot moet hij ook het goede voorbeeld geven met energie en enthousiasme. Wil je dat je spelers super fit zijn, wees dan ook zelf super fit. 

Al die zaken gebeuren achter de schermen, in overleg met het medische team. Zéker niet voor het oog van camera’s. Een coach die op een bepaald ogenblik één of meerdere spelers de wet laat dicteren, is een vogel voor de kat. Hij die door het bestuur niet meer wordt gesteund ook. Die zaken zijn cruciaal om te kunnen functioneren. Op beide zaken scoorde Weiler prima punten. 

Een seizoen in juiste periodes indelen

De ene competitie is de andere niet. De Belgische competitie heeft door het halverende Play-off systeem en de zomertransferperiode de facto een langer voorseizoen gekregen. Het strategisch plannen van het seizoen moet hierdoor een andere invulling krijgen. Vroeger kon je in de maanden juli en augustus (rustig) werken aan conditie en doelstellingen. Nu is die periode langer. Dat moet je intern ook zo bespreken. De maand september maakt om die reden als trainer in de Belgische jaarplanning deel uit van de voorbereidingsperiode. Eind augustus kan er vaak nog al te veel geswitcht worden (aankopen, verkopen, spelers met transfers in het hoofd). Begin september kan je vaak nog een andere groep met méér of minder kwaliteiten in handen krijgen.

Het pre-seizoen duurt dus langer. Kritiek uiten op ‘probeersels’, positiewissels of experimentjes in september is dus totaal absurd en korte termijn denken. Je kan er niet mee eens zijn, maar voor een trainer zijn er nu eenmaal niet veel momenten om stress, weerbaarheid, tactisch inzicht, fysieke paraatheid van de professionele speler in een realistische context te checken.

Op reputatie alleen kan je nu eenmaal geen beslissingen nemen.

Het nadeel van de voetballerij is dat je elke week moét presteren, maar als groep en bestuur zou je beter moeten weten wanneer het speeltijd is én wanneer het ‘voor echt is’. Wellicht beseffen ze dit bij Anderlecht wel, maar om uiteenlopende (commerciële?) redenen zijn ze er nooit in geslaagd om dit goed te communiceren aan hun publiek.

Gekozen speelstrategie hanteren

Aan het begin van het seizoen gaat de coach op zoek naar een speelstrategie. Je kan dit ook een model of plan noemen. Zoals in elke sector is een team zonder plan stuurloos, en geef je de verantwoordelijkheid in handen van geluk en excuses. De trainer moet die strategie uitwerken mét zijn groep en in functie van zijn groep. Niet gewoon in zijn hoofd. Dat laatste doen zou zijn alsof je een strategie bedenkt voor je product of team, zonder rekening te houden met de sterktes of zwaktes van dat product of team. Utopia.

Een speelstrategie is gelijkaardig aan een speelfilosofie maar is nét iets praktischer en gaat meer in de diepte. De bedoeling hiervan is te bepalen wat het team op termijn moet kennen en kunnen. Heel wat analisten en supporters blijven hangen in die vage speelfilosofie.

Dan hoor je bijvoorbeeld: “Guardiola is top. Hij streeft altijd naar een speelfilosofie dat het totaalvoetbal van Michels en Cruyff integreert met de snelheid, energie en verticale diepte van de Duitsers, plus de poëzie van de Brazilianen en het pragmatisme van de Italianen.”

Dat is een mooie filosofie maar allerminst een praktisch plan. Zou een beetje zijn alsof ik mijn keto-levensstijl omschrijf als: “Eten zoals de Mediterraanse keuken van de Grieken, gaan slapen zoals mensen in het Scandinavische Noorden en de discipline om te sporten als een Duitser.” Klinkt misschien goed, maar is geen uitgewerkt en hapklaar plan.

Die speelstrategie moet je vooral in augustus én september doorheen de trainingen en eerste wedstrijden uitwerken, waarbij je je héle spelerskern ter beschikking hebt. Iedereen moet op een bepaald ogenblik weten hoe ze moeten aanvallen en hoe te verdedigen. Efficiëntie telt dan vooraan en achteraan op het veld.

Een aantal kenmerken van zo’n speelstrategie? Flexibileit. Je moet ruimte hebben om dezelfde principes te hanteren maar in een andere ploegopstelling toe te passen. Onzekerheid wegnemen. Als resultaten op het veld niet volgen, kan je telkens wijzen op het plan. En als coach niet allerlei zaken in vraag beginnen stellen: fitness van een speler, spelersselectie, beslissingen van arbitrage. Je ziet wat werkt op training en in de wedstrijd, en kan verbeteren waar nodig. Je stelt prioriteiten in het proces. Ook is het een middel om goed te kunnen communiceren naar je spelers toe. Niets zo frustrerend voor een speler wanneer de gegeven boodschap constant afwisselt, zodat hij niet meer weet wat zijn rol of verantwoordelijkheid is. Binnen het vooropgestelde model, kan je met spelers over uiteenlopende thema’s praten. Hoe meer gesprekken, hoe beter de relaties en interacties.

Meetbare doelstellingen voor spelers

Heel wat buitenstaanders die kijken naar spelers, analyseren het spel in functie van de speler zelf. Dan krijg je uitspraken als: “Dit is zijn beste plaats”. Of: “Hier moet ie altijd spelen”. Zo werkt het niet! Trainer en staff moeten elke individuele speler net prikkelen om op verschillende manieren te kunnen spelen. Zoals bij elk strategisch spel maakt elk verrassingselement gewoon deel uit van je arsenaal aan mogelijkheden. Het gaat er dus niet om die andere speler uit de ploeg te willen spelen, of altijd op die bepaalde positie te willen staan. Het gaat erom dat die speler één of meerdere posities begrijpt om het team te helpen succesvol te zijn op lange termijn.

Nieuwe spelers als Kums in de voorbereidingsperiode dus uitspelen op een andere plaats kan zo’n optie zijn. Je test zijn mentale weerbaarheid, zijn rentabiliteit op een lagere plaats en bekijkt ook hoe de hele groep op verandering reageert. Want uiteindelijk is het jouw kerntaak als trainer de groep als geheel binnenkort het best te laten renderen, niet media, analisten of supporters naar de mond te praten. Voor hen zal en kan je toch nooit goed doen.

De speler in functie van het team. Niet omgekeerd. Om één of meerdere spelers de wet te laten dicteren, is het mogelijke verloop te groot en het individuele engagement al lang te klein geworden, wat Jan Mulder er ook van denkt. Daarom bijvoorbeeld dat Weiler in augustus vorig jaar ostentatief in conflict ging met heel wat spelers. 

Betekenis en richting geven aan het team geven

Om op lange termijn succesvol te zijn, moet een ploeg een identiteit krijgen die verder reikt dan ‘de wil om wedstrijden te winnen’. Elk jaar opnieuw. Hoe sterker de identiteit van een ploeg, hoe meer spelers bereid zijn te vechten voor de ploeg, zowel op als naast het veld. Daarop moet je trainen. Een trainer dus een maand na zijn komst of bij de start van een nieuw voetbalseizoen al beoordelen, is gewoon enorm kortzichtig. Het gaat hier niet om een computerspel, waarbij je zelf de manager bent.

Spelers in het proces betrekken

De beste manier om energie en focus van spelers te krijgen, is door hen co-verantwoordelijkheid te geven in het traject. Dat kunnen allerlei zaken zijn achter de schermen, hoe creatiever hoe beter.  Iedereen kan wel op één bepaalde manier het verschil maken. Zodra spelers verantwoordelijkheid voelen in het team, kunnen ze meer en willen ze voor de ploeg vechten. Youri Tielemans die zich opperbest voelde en af en toe in flow kon voetballen, was een positief teken aan de wand. 

Hoe een goed speelmodel ontwikkelen?

Het is duidelijk dat je dat speelmodel niet op 1,2,3 kan bereiken. Dat proces duurt een tijdje en heeft een aantal cruciale facetten bij de realisatie ervan. Daarom dat het te vroeg is om die voorbereidingsperiode af te ronden op een moment dat er nog (vele mogelijke) aan- en verkopen zijn. Een aantal nieuwe cruciale pionnen erbij kunnen een groot verschil maken voor dat model.

1/ Breng sterktes en zwaktes van het team in kaart

Het model wordt gevormd met alle beschikbare spelers in je hoofd. Laten we dit even de Weiler-aanpak noemen. Niét op basis van een fictieve romantische notie van hoe voetbal gespeeld zou moeten worden. Dat zou je de Mulder-aanpak kunnen noemen.

Het startpunt in de Weiler-aanpak zijn de spelers, je beschikbare materiaal. Elke kernspeler moet op elk vlak geëvalueerd worden aan het begin van het seizoen: technisch, fysiek, tactisch en mentaal, voordat je kan beslissen wat de prioriteiten zijn in je planning. De ene speler is op een bepaald vlak sneller klaar dan de andere.

Spelers van 7 of 10 miljoen die om één of andere reden (nog) niet klaar zijn… dat is gewoon niet het probleem of verantwoordelijkheid van de coach. In eer en geweten maak je selecties in functie van vooruitgang op vlak van je speelmodel.

2/ Houd vast aan je overtuigingen

Dit onderdeel is belangrijk en kan uiteraard van trainer tot trainer anders zijn. Het mooie aan het voetbalspel is dat het geen exacte wetenschap is, en we allemaal het spelletje op een andere manier interpreteren. Maar een speelmodel moet beantwoorden aan de waardes en principes die de coach het hoogst in het vaandel draagt. Dat is de start. Daarna is consistentie vereist. Zoals een vader die zijn kinderen tracht op te voeden.

Bij Weiler kon je als buitenstaander een beeld krijgen van een aantal van die waardes: eerlijkheid, oprechtheid, directheid, discipline, flexibiliteit, alles in functie van het team, realisme.

Opnieuw, je kan dit als buitenstaander verfoeilijke waardes vinden, maar dit is nu eenmaal waar de club via de trainer uiteindelijk voor gekozen heeft.

3/ KISS

Keep it Simple, Stupid. Beluister je interviews van trainers, kan je altijd makkelijk achterhalen hoe eenvoudig hun boodschap of analyse is. Als coach mag je je eigen spelers niet verwarren, of je eigen kennis in de verf zetten. Als je model complex is, met bepaalde looplijnen bijvoorbeeld, is het je taak om het in hapklare stukjes te splitsen voor je (jonge) spelers zodat ze de informatie makkelijk kunnen verteren. In het Engels hebben ze een mooie uitdrukking: “Brilliance is making the complex easy to understand.”

Eenvoudig is moeilijker dan complex. De succesvolle coach houdt het simpel, neemt verantwoordelijkheid voor keuzes en leert uit fouten. Hij beseft dat spelers fouten kunnen maken én een bepaalde speelstijl kan mislukken. Dan moet je nederig zijn en opnieuw beginnen.

4/ Zorg voor één gemeenschappelijke taal

In het moderne voetbal moet je makkelijk als coach een aantal talen spreken. Om met de buitenwereld te communiceren. Dat ook. Het belangrijkste is echter dat je interne boodschap goed overkomt. Er dialoog is, uitwisseling van ideeën. De hele staff en alle spelers moeten dezelfde terminologie en voetbaltaal spreken. Ze moeten ook begrijpen in welke context het wordt gebruikt.

Om die reden kunnen buitenstaanders nooit een juist beeld krijgen van de situatie, want sommige getransfereerde spelers hebben de eerste maanden bijvoorbeeld niet voldoende bagage om uit te voeren wat de trainer wil. Er is potentieel. Maar geen volle bagage. Dat is gewoon de realiteit. Vaak ondanks de vele getransfereerde miljoenen. 

5/ Wees hyper-realistisch

Bij Opdorp Rangers zouden ze graag willen spelen zoals bij Barcelona, maar de realiteit is dat de meesten gewoon niet op Nou Camp of zelfs niet in het Constant Vanden Stockstadion aan de bak kunnen. Een trainer moet daarom een model van spelen hebben dat past bij de speelstijl en mogelijkheden van de spelers. Realisme troef.

En anders moet je gewoon het jaar erop dieper in de portefeuille tasten. 

6/ Deel constant je visie en speelmodel

De spelersgroep moet je speelmodel door en door kennen. Als ze constant je visie en boodschappen errond horen, is er veel kans dat ze het gaan begrijpen. Als spelers zelf bezig zijn het proces en details om tot resultaten te komen, zal het team ook beter worden.

7/ Houd vol

Succes is nooit gegarandeerd. Voetbal blijft een spelletje waarbij duizend en één zaken het resultaat kunnen bepalen. Een trainer moet daarom ook nederig zijn. Maar het hebben van een duidelijk speelmodel dat je gedurende een lange periode kan uitdragen, geeft je wel opties. Ook na een nederlaag. Samen met de rest van je staff en ploeg kan je het zien als een proces dat tijd neemt om te rijpen.

Voor spelers is het niet voldoende dat ze het systeem snappen. Je moet hun ‘buy in’ krijgen. Ze moeten overtuigd raken dat ze het aankunnen en ook onder druk durven of kunnen presteren.

Weiler had duidelijk krediet voor zijn opvattingen van spelers en bestuur. Ontzettend jammer dat hij die ‘buy in’ nooit heeft gekregen van de buitenwereld.

Hopelijk kiezen ze bij Anderlecht opnieuw een jonge, moderne coach!

%d bloggers liken dit: